Bob stelde de nieuwe programma’s samen volgens de VJF-richtlijnen.
Klik hier om een overzichtje te krijgen van de vereiste wachttijden en het aantal trainingen. Let wel! Het bereiken van het nodige aantal trainingen en aantal maanden wachttijd, geeft geen recht op de volgende gordel! De lesgevers bepalen samen met de technisch directeur of de te kennen stof voldoende beheerst wordt om een examen te kunnen afleggen.
De jonge, lagere gordels kunnen streepjes op hun band verdienen door deelexamens af te leggen. Hiervoor moeten ze telkens een aantal technieken tonen aan de lesgever
Spelregels voor de ouders
De mama’s of papa’s mogen tijdens de judoles in het achterste gedeelte van de zaal zitten op de Zweedse banken om hun spruiten aan het werk te zien. Toch gelden er enkele spelregels voor hen. De gsm’s gaan uit en het is de bedoeling dat er niet gepraat wordt. Op de tatami is de sensei de baas. De ouders mogen niet tussenkomen tijdens de les en geen contact hebben hun kinderen. Drinken of snoepen zijn uit den boze. Op de tatami wordt niet gelopen met schoenen. Indien de ouders zich niet aan de regels houden, kan de sensei hen vragen de dojo te verlaten.
Spelregels voor de judoka’s
- Een goede judoka is steeds tijdig op de tatami.
- Bij het betreden en verlaten van de tatami steeds waardig groeten.
- Bij het begin en einde van een oefening de partner groeten.
- Als de trainer er niet is, begint de hoogste in graad met de training.
- Volledige concentratie is nodig bij judo, dus voor, tijdens en na de trainingen niet spelen of luid praten.
- Vooraleer het verlaten van de tatami eerst toelating vragen aan de trainer.
- Bij te laat komen ook de trainer groeten als teken van verontschuldiging.
- Het lichaam moet rein zijn en in het bijzonder de handen en voeten.
- Nagels van handen en voeten zijn kort geknipt om kwetsuren en besmetting te vermijden.
- De judogi is steeds proper en niet gescheurd.
- Bij het verplaatsen van en naar de tatami steeds zori’s of slippers dragen.
- Na elke training een douche nemen.
- In judogi blijft men een waardig judoka.
- Roken en drinken zijn uit den boze in de dojo. De sensei kan beslissen dat de judoka’s even mogen drinken in dat geval zijn enkel water of sportdrank toegelaten.
- Maak van de clubleiders geen bedelaars en betaal spontaan je bijdrage.
- Op de mat wordt niet gevochten of gepest. Wie slaat of schopt, vliegt van de mat.
- Judo is een verdedigingssport, buiten de mat wordt het niet toegepast tenzij in nood. Een vermeden gevecht is een gewonnen gevecht.
In de les gebruiken we regelmatig Japanse woordjes. De judoka’s moeten de belangrijkste hiervan kennen!
- hadjime: begin
- mate: stop
- sono-mama: niet bewegen
- yoshi: vecht, verdergaan
- osae-komi: houdgreep, tijd loopt
- toketa houdgreep: verbroken
- Punten
- koka: 3 (kleinste punt, telt niet op tot ippon)
- yuko: 5 (klein voordeel, telt niet op tot ippon)
- waza-ari: 7
- ippon: 10/10 (gewonnen)
- waza-ari awasate-ippon: waza-ari + waza-ari = ippon
- Strafpunten
- shido: -3
- chui: -5
- keikuko: -7
- hansokumake: -10 (zwaarste strafpunt, gediskwalificeerd)
Wit naar geel
- rei: groet
- sensei: meester
- dojo: judozaal
- tatami: judomat
- hajime: begin
- kumi-kata: manier van vastnemen
- obi: gordel
- eri: kraag
- judo-gi: judopak
- uchi-komi: herhaaldelijk inkomen
- matte: stoppen, wachten
- ne-waza: grondtechnieken
- soremade: einde (van de les)
- tachi-waza: rechtstaande technieken
- tori: hij die uitvoert
- uke: hij die ondergaat
Geel naar oranje
- o: groot
- ko: klein
- soto: buitenwaarts
- uchi: binnenwaarts
- harai of barai: vegen
- gari: steunbeen wegvegen
- migi: rechts
- hidari: links
- ushiro: achterwaarts
- yoko: zijwaarts
- kuzure: variatie
- ashi: voet, been
- hiza: knie
- morote: beide
- nage: werpen
- kake: uitvoeren
Oranje naar groen
- zie wedstrijdwoordjes
Tellen in het Japans (uitspraak)
- ichi (ietsj)
- ni (nie)
- san (san)
- shi (sjie)
- go (go)
- roku (rok)
- shichi (sjiets)
- hachi (hatsj)
- ku (koe)
- ju (dzjoe)

